Rondje billen en borsten

‘Een vriend van me rent niet meer in het Vondelpark’, zegt vriendin L. ‘Daar lopen te veel lekkere wijven volgens hem en dat leidt af’. Huh? Ik ren een paar keer per week rondjes door het Vondelpark en er lopen inderdaad veel vrouwen. Meer dan mannen. Maar zijn de mannen dan allemaal bezig met de dames die er rondrennen? Als ik vriend R. vertel over wat ik via vriendin L. heb vernomen zegt ie met een grijns: ‘Er is een billen- en een borstenrondje. Met de klok mee zie je meer borsten, andersom meer billen. En dan moet je natuurlijk wel doorlopen, want dan zie je meer.’ 

OMG. Wat ben ik naïef. Ineens denk ik aan de scène uit Flodder waarin Kees naar tennissende dames kijkt en ze naakt inbeeldt. Dansende paardenstaarten, op en neer bewegende borsten en wiegende billen. Sportende vrouwen roepen erotiek op. Terwijl vrouwen zichzelf juist a-sexy vinden met een rode plofkop en klotsende oksels.

Dit voorjaar kwam uit Brits onderzoek naar voren dat 24 procent van de hardlopers rent om te flirten. Dat heeft zelfs een naam: ‘flunning’ (running + flirten). 36 procent van de lopers heeft tijdens het rennen wel eens geflirt. 10 procent van de mannen denkt tijdens hardlopen aan seks tegenover 5 procent van de vrouwen. Als mijn gedachten enigszins die richting op bewegen denk ik: Fuck! Ik kan niet meer. Verder denk ik dingen als je hebt gister een emmer Ben & Jerry’s naar binnen gewerkt dus kom op nog 1 rondje, heb ik de deur wel op slot gedraaid, wat is de deadline van dat artikel ook al weer en past dat shirtje bij die nieuwe broek of zal ik nog even de stad ingaan zaterdag?

10 procent van de lopers heeft dagelijks seks, 3 procent zelfs 2 keer per dag. Dat is volgens het Britse onderzoek nogal wat in vergelijking met de ondervraagde niet-renners. Zij zijn minder dan eens per maand actief in de slaapkamer.

Ik voorspel dat de hardloophype z’n hoogtepunt nog lang niet heeft bereikt.

Deze column verscheen op 1 september 2010 op het weblog van IN10 en op 8 september 2010 in De Pers. Op BNR Nieuwsradio spraken 2 presentatoren over de column.


Verslaafd aan lief

I am a sucker for cute. Schattige baby’s  en kinderen doen me niet zo veel. Behalve m’n nichtje, zij is echt heeeeel lief. Mijn cute-verslaving richt zich vooral op aaibare, grappige en aandoenlijke dieren. Een foto van een snoezig poesje, een puppy die over z’n eigen oren struikelt of een filmpje van een niezende panda en ik glimlach van oor tot oor en roep met hoge piepstem awwwww!

Als ik chagrijnig of depri ben is er maar 1 remedie: op internet toegeven aan m’n verslaving. Op regenachtige dagen als deze kan ik uren surfen naar sites als Cute OverloadCute animalsI can has Cheezburger en Cute things falling asleep.

Mijn favoriet is de Japanse kat Maru. Alleen z’n mollige lijfje, onnozele blik en hangmondje maken me al aan het giechelen. Z’n baasje filmt hem als hij in en uit dozen springt, in de prullenbak blijft steken of lui op z’n rug ligt en plaatst deze filmpjes op YouTube.

Volgens Vanity Fair is er sprake van een heuse cute rage. Hoewel Cootchie-coo gedrag in ons DNA zit, uiten we het meer vanwege de crisis, oorlog en de komst van social media en wifi. En het blijft niet alleen bij awwwww roepen bij filmpjes van schattige konijntjes, ook lieve auto’s (Mini Cooper, Smart) cupcakes en films (Up!) zijn een gevolg van de cute tsunami.

Ik vind het nogal ver gezocht. De eerste Mini Cooper en Fiat 500 stammen uit de vorige eeuw. Bambi ook. Wie versierde als kind geen cakejes? Lief is gewoon leuk.

Dit blog verscheen op 30 augustus 2010 op het weblog van IN10.